Op 10 Juli 1971 werd op Radio Noordzee Internationaal Top 50 nummer 16 uitgezonden, gepresenteerd door Joost den Draaier. In de LosGoud uitzendingen van 9, 12, 16 en 19 Juli 2007 kon je deze hele Top 50 nog een keer terughoren, gepresenteerd door Ben Meijering. Door die programma’s zat informatie over de groepen en artiesten, evenals lokaal nieuws verwerkt

 

 

En hier vind je nog wat advertenties uit Juli 1971

 

 

De uitzendingen van 9 en 16 Juli waren van 20:00 – 21:00 en die van 12 en 19 Juli van 18:00 – 19:00. LOS Radio zendt uit op de 107.5 MHz via de ether en 102.4 MHz via de kabel.

 

 

Zo zag de Top 50 er toen uit, links de voorkant, rechts de achterkant.

 

 

 

En zo zag de programmering er toen uit.

 

 

 

Hieronder kun je foto’s en artikelen vinden uit de Muziek Expres-sen die rond de zomer van 1971 uitkwamen.

 

 

De cover van de Muziek Expres van Juli 1971

 

 

 

De Bee-Gees zijn me toch maar baasjes

 

De Bee-Gees blijven toch maar verdraaid aktieve baasjes. De hitjes vallen weliswaar niet meer als appeltjes van de boom, maar toch is bijna elk zwart schijfje goed voor verkoopcijfers met een 4 of 5-tal nulletjes. Het Bee-Gee-triootje is inmiddels versterkt, door drummer Geoff Bridgeford, een knaapje dat ook de trommeltjes roerde op de laatste Bee Gees elpee „2 Years On". De Gibb brothers namen knaapje Bridgeford ook maar mee op tournee naar Amerika. Een tournee die ten tijde van hun „Lonely Day" succes aldaar werd georganiseerd, maar desondanks toch niet helemaal naar wens verliep. De baasjes gaven de organisatoren, die voor een onvoldoende begeleiding gezorgd zouden hebben, de schuld van dit toch wel onverwachte tegenvallertje. Maar beste Gibbjes niet getreurd, want jullie reparatielust voor gebroken hartjes, zal ongetwijfeld weer menigeen naar de platenboer doen stormen en jullie inventieve geestjes zullen ongetwijfeld nog vele jaren zorgen voor allerlei alleraardigste komposities. Dáááaág Bee Gees tot in 1972 of '73 of misschien wel tot in 1974.

 

 

 

BYRD MANIAX FIJNSTE ELPEE TOT NU TOE!

 

Roger McGuinn is veranderd, dat hebben we allemaal kunnen constateren. Afgezien van het feit dat haren en baard aanmerkelijk langer zijn dan tijdens het vorige zomerbezoek van de Byrds aan ons land, schijnt het een beetje afgelopen te zijn met de dominerende rol die McGuinn sinds jaar en dag vervuld heeft. De groep is compacter geworden en bestaat niet meer uit 3 + 1 man maar gewoon uit vier illustere figuren 1 met allen een vrij grote zeggenschap in muzikaal opzicht. McGuinn schijnt het _allemaal wel best te vinden mits zijn naaste collega's het door hem met zorg uitgestippelde pad maar niet al te veel verlaten. Vanzelfsprekend blijft hij bepalend voor het geluid van de Byrds maar doet dit meer in teruggetrokken positie, niet meer zo op de punt van het podium met op de achtergrond Battin, Parsons en White, de weinig functionele maar over-enthousiaste percussion man niet meegerekend.

 

De concerten die de Byrds in ons land gegeven hebben, (waren vakbekwaam alhoewel dat sprankelende van vorig jaar ontbrak. Binnen afzienbare tijd valt een nieuw album te verwachten met de titel „Byrd Maniax". De productie is weer in handen van Terry Melcher, bescheiden zoon van glitterende Doris Day. Er staan elf composities op „Byrd Maniax" waarvan het grootste deel geschreven werd door McGuinn met assistentie van diverse andere Byrds. Skip Battin nam drie nummers voor zijn rekening terwijl een ouderwets country & western nummer het Byrds product completeert. Volgens Roger McGuinn is „Byrd Maniax" het meest gevarieerde album dat tot dusver gemaakt werd, zelfs de rock uit de vijftiger jaren schijnt niet te ontbreken. De definitieve release-datum is nog onbekend doch de algemene verwachtingen zijn dat de plaat aan het eind van deze zomer verkrijgbaar is. Uit alles blijkt dat de Byrds zeker in Nederland duidelijk in de running blijven en niet ten onrechte. Het verrassingselement mag er dan een beetje af zijn, er blijft meer dan genoeg over.

 

 

Fusie tussen Fame en Price

 

Met grote regelmaat staan onze kranten vol nieuws rond allerlei fusies van grote instellingen. Nu heeft er ook zoiets dergelijks plaatsgevonden tussen twee popartiesten. Dat zijn Georgie Fame, bekend van o.a. „Yeah Yeah", „In the Meantime" en „Ballad of Bonny & Clyde" en Alan Price. Alan Price is waarschijnlijk de man met de meeste muzikale ervaring. Hij was mede oprichter van de Animals, die hij na enige tijd verliet om aan een solo carrière te bouwen, die erg succesvol verliep. Denk maar eens aan ijzersterke hits als „I Put A Spell On You" en „Simon Smith and His Amazing Dancing Bear".

 

Na samen enkele TV shows te hebben gemaakt (één daarvan was op de Nederlandse buis te zien) en enkele optredens verzorgd te hebben met de Canadese trompettist Maynard Ferguson en zijn Big Band, besloten zij om definitief samen te gaan werken. Dit alles niet zonder succes, want op onze hitparade staat momenteel hun meezinger „Rosetta". Hun samenwerking beperkt zich niet alleen tot het maken van platen. In de maand april maakten zij een cruise van 5 weken naar Zuid Afrika om de aan boord van het schip verblijvende gasten te vermaken.

 

In mei werden er enkele konserten in Engeland gegeven met hun nieuwe groep en een elpee met vele eigen komposities staat op stapel. Het nummer „Rosetta" werd overigens niet door hen zelf geschreven maar door een zekere Mike Snow. Alan Price en Georgie Fame vergelijken het geluid van hun nieuwe groep met een mengeling van Fats Domino, Dr. John en Harry Belafonte. Weinig zin hebben zij in het racen van de ene klub naar de andere om zoveel mogelijk optredens te verzorgen. Twee „ouwe" jongens uit het vak hebben elkaar, gevonden. Of zij ooit nog eens de populariteit lariteit van weleer zullen bereiken valt te betwijfelen.

 

Focus – Nieuwe Elpee blijft voorlopig op de plank

 

Ongeveer een maand geleden verscheen op de Nederlandse platenmarkt de elpee In And Out Of Focus". 't Is allemaal een beetje vreemd gegaan met dit album. Toen de groep destijds drie weken bestond, werd er al een elpee gemaakt. De kwaliteit van dit product was niet zo bijster goed en de plaat werd bovendien slecht verkocht. Omdat Focus de laatste tijd sterk aan populari teit gewonnen heeft, beleefde die „matige" elpee een heruitgave. Zodat we met een plaat zitten die zonder meer goed is, maar al lang niet meer representatief genoemd kan worden voor wat Focus op dit moment doet.

 

Bovendien spelen op „In And Out Of Focus" Pierre van der Linden en Cyril Haverma" nog niet eens mee. Mike Vernon (producer Fleetwood Mac en ex-Mayall ) was de artistieke leider van „In And Out Of Focus". Al met al werd er moeilijk ge manipuleerd met als kwalijk gevolg dat de nieuwste Focus elpee („Eruption" ), waarvoor het materiaal helemaal klaar is, niet eerder kan verschijnen dan rond oktober. Wel is er een opvolger voor de hit-single „House Of The King". Jan Akkerman componeerde twee nummers waarvan „Hocus Pocus" de a-kant en „Jans" de b-kant van Focus' nieuwe single is geworden. De plaat is inmiddels in de platenhandel verkrijgbaar.

 

Focus in Focus 

 

De nu volgende story is niet geheel en al zonder complicaties tot stand gekomen. De viermans formatie FOCUS is verdraaid moeilijk te bereiken. Manager de Jong mag dan wel beschikken over een telefoon in zijn auto, een sneller contact wordt er helaas niet mee tot stand gebracht. Pogingen om een ontmoeting te arrangeren, strandden allen op afspraken, optredens, Engelse fotografen of eenvoudigweg op tijdgebrek. Als enige uitweg blijft in een dergelijke situatie de telefoon over. Vandaar dat ik (voor de tweede maal, een aantal maanden geleden had Focus het ook al zo druk) via het PTT-wezen een praatje kon maken met fluitist/zanger/ organist Thijs van Leer. . .

 

Insiders beweren dat Focus een van de weinige, zo niet de enige groep in Nederland is, die het internationaal kan gaan maken. Wat vind je van een dergelijke uitspraak? „Ik geloof inderdaad dat we in muzikaal opzicht niet behoeven onder te doen voor andere internationaal erkende formaties. Het succes in het buitenland is van vele factoren afhankelijk. Tot dusver gaat het bij ons wel lekker. In Frankrijk bijv. is Focus behoorlijk bekend. We spelen er regelmatig op festivals en, naar de reacties van het publiek te oordelen, met veel succes".

 

Zijn er bepaalde zaken voor verbetering vatbaar en wat bijv.? „Anderhalf jaar zijn we inmiddels bezig. Het wordt tijd dat we eens aan een nieuw repertoire gaan denken".  De sfeer in de groep? „Focus is vanuit muzikaal oogpunt bekeken praktisch probleemloos. De sfeer onderling laat door de grote verscheidenheid van karakters nog wel eens wat te wensen over, maar waar heb je dat niet". 

 

Werk je tegenwoordig ook nog buiten Focus om? „Nauwelijks. Ik heb de muziek van „Oh Calcutta" gearrangeerd en ingestudeerd. Er is veel kritiek op de musical maar persoonlijk vind ik het erg leuk in elkaar zitten. Verder componeer ik nog wel eens wat voor Liesbeth List en Bojoura. Focus blijft echter het belangrijkst".  Er is een nieuwe versie van het nummer „Hocus Pocus" gemaakt. Waarom? „Dat hebben we voornamelijk gedaan voor het buitenland. Men vond de oorspronkelijke versie minder commercieel dan de uitvoering van „Hocus Pocus" die we pas in Engeland opgenomen hebben". Van Thijs van Leer, Jan Akkerman (solo-gitaar), Pierre van der Linden (slagwerk) en Cyril Havermans (bas-gitaar en zang, „zet je dat er nog even bij want een heleboel mensen weten niet dat Cyril ook zingt") verschijnt er in de derde week van oktober een nieuwe elpee, vermoedelijke titel is „Eruption". De plaat geeft een rijpere, meer volwassen afspiegeling van hetgeen er op artistiek gebied bij Focus gebeurt.

 

Graham Nash kwam als laatste met zijn eerste solo-elpee

 

De Engelse telg van de C.S.N&Y familie, Graham Nash, heeft als laatste van dit kwartetje een (prachtige) solo-langspeler afgeleverd. Het grappige van deze solo-produkties is, dat ze steeds bij voorbaat onderschat worden. Toen Young en Stills hun respektievelijke schijven aan de man brachten, zeiden de heren kritici er bijna van overtuigd te zijn dat David Crosby en/of Graham Nash dit peil nimmer zouden bereiken. Hun harten (die van deze kritici) stonden bekant stil toen het magnifieke „If I Could Only Remember My Name" van David Crosby op de draaitafels verscheen.

 

Nu werd ruim een maand geleden de altijd nogal kritiese smaak van ons vaderlandse popvolkje wederom gestreeld door „Songs For Beginners" van de in Amerika wonende Engelsman Graham Nash. Naar aanleiding hiervan lijkt het ons verstandig, Nash eens onder de loep te nemen. Graham Nash die eind 1968 vrij onverwacht de Hollies verliet en met een paar honderd dollar op zak alles in de steek liet om samen met David Crosby „iets" te gaan doen in Amerika. Al gauw kwam dankzij de bemiddeling van Nash' vriendin Joni Mitchell, Steve Stills het tweetal assisteren. Dat dit drietal naar ieders tevredenheid werkte, bleek wel uit de volgende uitspraak van Graham Nash. „Wat ik nu doe is dat, wat ik altijd graag met de Hollies heb willen doen. Het is haast ongelooflijk hoe fijn ik met deze mensen werk. We gaan gezamenlijk de studio in en werken met z'n vieren keihard aan onze komposities. Net zo lang tot ieder nummer glanst als een pas opgepoetste edelsteen".

 

Dit is een aardige bewering die niet altijd opgaat zoals b.v. bij het „Four Way Street" album, waar solisties sterke staaltjes worden geleverd maar waar het groepswerk af

en toe nogal wat te wensen overlaat. Op dit album staan o.a. 4 Nash komposities, waaronder „Chicago", het nummer dat tevens als single is uitgebracht. Graham Nash die op de 2 studio elpees al bewezen heeft een uitstekend komponist te zijn, heeft zich nu voorgoed waargemaakt met zijn „Songs For Beginners". Eén vraag blijft nog open. Zouden Crosby, Stills, Nash en Young ooit hun huidige populariteit hebben bereikt, zonder hun gezamenlijke start.

 

 

Mick Jagger’s huwelijksgebeuren

 

Mick Jagger, roemrucht componist, tekstdichter en zanger van de, tijdens hun leven al legendarische, Rolling Stones, is getrouwd. De jarenlange geruchten werden bewaarheid in de persoon van Bianca Morena di Macias. Zij is het die de euvele moed wist op te brengen om met Jagger te verschijnen voor de ambtenaar van de burgerlijke stand in de Franse mondaine badplaats Cannes. Om deze gebeurtenis wat extra publiciteit mee te geven, trouwde Jagger ook nog eens in de kerk hetgeen op z'n minst een vieze smaak oplevert. Het „feestje" na afloop stond in een schril contrast met de gebeurtenissen van overdag.

De elpee „Sticky Fingers" en de single „Brown Sugar" kregen gratis publiciteit. Een laakbare methode? Ben je gek! ...

 

The Stones

 

Eigenlijk best leuk om door de rijke Amerikaanse Kinney group uitgenodigd te worden om even in Cannes het feit te vieren, dat zij de strijd met 20 andere maatschappijen, om de Stones onder contract te krijgen, gewonnen heeft., Bovendien werd op deze zeer kostbare party in het uitermate sjieke Port Pierre Canto de eerste Stones LP op het nieuwe label ten doop gehouden.

 

Ik (Ruud van Dulkenraad) was een van de ± 25 journalisten uit heel Europa, die samen met ongeveer even zoveel Kinney vertegenwoordigers ongeveer 11/2 uur hebben zitten wachten totdat Mick Jagger met zijn 21-jarige vriendin Bianca Perez Morena de Macias (er gaat snel getrouwd worden, aldus insiders) de sfeervolle ruimte binnenkwamen. Fotografen schoten naar voren en enkele journalisten probeerden wal vragen te stellen, maar slaagden daar niet erg in, aangezien Mick op dat moment meer interesse had in het koude buffet en de bar. Hij zag er overigens opvallend gezond uit; zijn haar was korter dan ooit en hij werd vooral wat later op de avond erg vriendelijk. Uit zichzelf kwam hij op een gegeven ogenblik naar onze tafeltjes en vertelde dat er plannen bestonden om solo-elpees door de leden van de Rolling Stones te laten maken. „We kunnen iedere groep opnemen, die we willen en worden dus helemaal vrij gelaten in wat en hoe. Alleen Jimmy MilIer zal onze platen wel blijven produceren".

 

Toen wij later Mick Taylor hier naar vroegen, was hij uitermate verbaasd en zei daar niets van te weten: „Iedereen hoort alles over mij altijd eerder dan ikzelf". Mick Taylor is in mijn ogen toch altijd nog een wat merkwaardige outsider, die nooit een echte „Stone" zal worden. Hij liep daar ook wat doelloos rond en sloot zich eigenlijk bij niemand aan, terwijl alle andere Stones juist erg fanatiek bij elkaar bleven zitten. „Ik heb voor zes maanden een huis gehuurd", zei Mick Taylor me. „Bill Wyman en ik wonen in Grasse, Charlie Watts woont 4 uur rijden van hier in de Camargue, Keith Richard zit in Nice en Mick Jagger ergens in een hotel in Juan les Pins. We zijn bezig een goede studioruimte te zoeken, zodat we snel kunnen gaan werken aan onze volgende LP".

 

Toen ik Mick vroeg of hij zich bij de Stones niet muzikaal geremd voelde in vergelijking met zijn John Mayalltijd, waar hij zich op zijn gitaar naar hartelust kon uitleven, zei hij lachend: „Ach, bij de Stones gaat het meer om het geheel en niet zo zeer om iemand". Charlie Watts heeft vrijwel de hele avond zittend aan een tafeltje doorgebracht en weerde veelal met een vriendelijk gebaar de journalisten en fotografen af. Bill Wyman had zijn negenjarige zoon Stephen bij zich en hield zich ook vrijwel de hele avond op aan hetzelfde tafeltje waar Charlie Watts aan zat. Keith Richard kwam als laatste ietwat aangeschoten binnen en was in gezelschap van Anita Pallenberg („Performance"). Zo slecht heeft hij er nog nooit uitgezien! Uit de mond van de ook aanwezige Stephen Stills, die een persoonlijke Stonesvriend is, vernamen we nog, dat deze zomer nog een nieuwe Crosby, Stills, Nash & Young LP te verwachten is. Ze zijn er druk mee bezig. Toen Mick Jagger als eerste Stone de party verliet om nog even naar het Casino te kunnen gaan, begon het feest min of meer op zijn eind te lopen. Iedereen, ook de Stones, hadden eigenlijk best een leuke party gehad en dat is uiteindelijk nooit weg.

 

ME'S Engelse correspondent ANDY GRAY liet MICK JAGGER en BILL WYMAN commentaar leveren op hun eigen LP „STICKY FINGERS".

 

BROWN SUGAR:

MICK: Dit is dus de single. Snel Tempo, want daar houd ik van.

BILL: We hebben er erg lang over gedaan om dit nummer op te nemen. Een gedeelte is in december 1969 opgenomen in Mussels Shoals in Amerika en een hele tijd later hebben we de rest opgenomen in de Olympic Studios in Londen. Het is inderdaad wel een lekker soundje.

 

SWAY:

MICK: Beetje country-achtig. Ik heb het erg snel geschreven en twee dagen later stond het al op de band.

BILL: Ja, ja. Dit nummer is ook in Olympic opgenomen. Nicky Hopkins speelt piano.

 

WILD HORSES:

MICK: Dit is zonder meer mijn favoriete nummer van deze LP. Een ballade.

BILL: Ik vind dit ook erg fijn. Ook in Mussels Shoals gedeeltelijk opgenomen en in Londen afgemaakt.

 

CAN'T YOU HEAR ME KNOCKING:

MICK: Die 'jam session' op het eind is goed, hè?

BILL: Dit is mijn favoriete nummer. Te gek, hoor. Het intro wordt door iedereen naar eigen believen ingezet. Ik vind ook ons stukje jazz erg goed. Billy Preston speelt hier orgel en Bobby Keys geeft een erg goed staaltje saxwerk weg.

 

YOU'VE GOT MORE:

MICK: Sterk nummer. Helemaal in Mussels Shoak opgenomen.

BILL: Ja dat was in 1969 en het is al die tijd blijven liggen. Is naderhand in Londen nog wat bijgeschaafd.

 

BITCH:

MICK: Dit is onze ode aan alle hondenliefhebbers. Een gedeelte heb ik in mijn tuin uitgewerkt.

BILL: Dit nummer is opgenomen in Olympic. Het is naar mijn gevoel een erg sterk en heavy nummer. Erg goed voor een single.

 

I GOT THE BLUES:

MICK: Dit is een soulballad van Keith. Erg knap en erg fijn om naar te luisteren.

BILL: Ja, dit nummer is opgenomen in de mobiele studiowagen van Mick die toendertijd op het grasveld bij zijn huis in Reading stond. Ik vind opnemen in die wagen erg fijn.

 

SISTER MORPHINE:

MICK: Da's al een heel oud nummer en erg moeilijk om te promoten.

BILL: Ik kan me nog herinneren dat we' ooit een gedeelte ervan met Marianne Faithfull hebben opgenomen, maar er is verder nooit wat mee gedaan. Het is voor een LP een erg moeilijke song.

 

DEAD FLOWERS:

MICK: Weer een country-song. Verder kan ik hierover niks zeggen.

BILL: Ja, leuke country & western. Lekker nummer voor een optreden.

 

MOONLIGHT MILE:

MICK: Lief en zacht ... Ik vind de Buckmaster strijkers in dit nummer erg fijn.

BILL: We hebben dit ook in Mick's mobiele studio opgenomen. Aanvankelijk heette het: The Japanese Thing.

 

 

 

 

Nieuw binnen op nummer 46 in Top 50 nummer 16 met Tonight

 

 

 

Neil Diamond blijft rustig doorcomponeren

 

Hetgeen wij enkele maanden geleden over Neil Diamond schreven is toch wel aardig uitgekomen. Wij beweerden toen dat hij één van Amerika's talentvolle komponisten was. Momenteel schiet hij weer raak met zijn „ I am... I Said", een wat triest aandoend nummer met een fraaie melodieuze achtergrond. Deze formule staat ongetwijfeld weer garant voor verkoopcijfers eindigend op vier nullen. Neil Diamond waarvoor komponeren een soort ingeving is, die hij ieder moment kan krijgen, begon met deze aantrekkelijke bezigheid toen hij 16 jaar was.

 

Hij zegt over zijn komposities het volgende: „De nummers die ik vroeger schreef hadden allemaal iets te maken met romances die ik met meisjes had. Tegenwoordig schrijf ik over diverse zaken, dat kunnen allerlei situaties zijn die ik mooi vind of waar ik van houd. Muziek is juist een weerspiegeling van dergelijke omstandigheden." Na zich enkele jaren geconcentreerd te hebben op het uitbrengen van singles, wil hij zich nu wat meer gaan toeleggen op het maken van elpees. Zijn eerstvolgende album „ Taproot Manuscript", zal b.v. een 22 minuten durende koorpositie bevatten, waarin hij een interpretatie geeft van de zwarte Afrikaanse muziek. Dit stuk is het resultaat van ruim een jaar hard werken en hij zal dan ook dolblij zijn wanneer deze produktie op de markt verschijnt.

 

Kort geleden maakte Neil Diamond zijn debuut als acteur in de film „WUSA", waarin Paul Newman de hoofdrol speelt. Neil Diamond: „Het was de eerste keer dat ik zoiets deed, maar tevens de laatste. Dit soort werk bevalt me toch niet zo goed: ik zoek het meer in een musical. Ik deed deze film dan ook louter en alleen voor de ervaring.. In de verre toekomst wil ik Iets gaan doen met het medium televisie, maar voorlopig houd ik me alleen bezig met komponeren en optredens, dat is op dit moment voor mij de hoofdzaak." Neil Diamond gaat verder: „Overigens ben ik wel van mening dat er eens een tijd aanbreekt dat het schrijven van liedjes me niet meer zo mee zal vallen. Dan ben ik ook direct bereid er mee te stoppen. Misschien komt dat moment over 5 jaar, maar misschien ook wel over 10 jaar". Voor zijn fans hopen wij het laatste.

 

 

White Plains was aanvankelijk een studiogroep!

 

De zesmansformatie „White Plains" is voortgekomen uit een serie groepen. De eerste plaat, welke overigens nooit een hit werd in Nederland, „My Baby Loves Lovin", werd geschreven door het bekende songwriters duo Greenway en Cooke, die ooit samen eens als „David & Jonathan" succesjes boekten. Op een bepaald moment ging ieder zijns weegs. Roger Cooke vormde samen met Madeline Bell „Blue Mink" en Roger Greenway sloot zich definitief als platenproducer aan bij de studio-groep de „White Plains".

 

De andere „Plains" zijn afkomstig uit o.a. de „Ivy League", de „Ram Jam Band" en de „Flowerpot Man". Aanvankelijk was het niet de bedoeling dat de White Plains zouden optreden, maar het succesvolle „When You Are A King" was doorslaggevend de groep een promotie-toer door enkele Europese landen te laten maken. Een eventuele opvolger voor het huidige succes is nog niet bekend. Wel is men op het moment een tweede elpee aan het voorbereiden. White Plains is ontstaan uit een soort groepen-familie. Overigens wel een succesvolle familie.

 

 

 

Was jij zo’n blitse Puch of Tomos rijder, of nam je genoegen met dit zeer zuinige vervoermiddel?

 

 

 

 

Vergis je niet in de prijzen van de boodschappen, ze waren toen nog in guldens

 

 

 

 

Een kleine greep uit het Lokale Nieuws uit De Bunschoter van Juli 1971

 

Historie herleefd dankzij de V.V.V.

 

6 augustus: Spakenburgse dag

 

Zo langzamerhand begint het in wijdere kring bekend te worden dat er, uitgaande van onze VVV, op 6 augustus „een Spakenburgse Dag" wordt georganiseerd. Algemeen wordt gevraagd, wat er die dag te doen zal zijn in ons dorp en we zullen graag proberen

in dit artikel op deze vragen antwoord te geven.

 

In de eerste plaats moet worden opgemerkt, dat deze dag als een proef dient te worden beschouwd en dat het bij slagen in de bedoeling ligt, in volgende jaren enkele keren per seizoen zo'n dag te organiseren.

 

Op het Spuiplein en langs de haven ( Turfwal en Oude Schans) komen marktkramen te staan, niet in al deze kramen worden goederen te koop aangeboden, in sommige worden diverse oude ambachten gedemonstreerd, die betrekking hebben op de visserij en de klederdracht. Om maar iets te noemen: netten boeten en tanen, manden en wiegen maken. stoven snijden, „looien" gieten, ondermutsen haken, jakken maken, mutsen nepen, breien. kraplapen porceleinschilderen, poppen maken, spinnen, bakeren, matten vlechten enz.

 

In andere kramen kan men wel wat kopen en we willen daarvan als typische Spakenburgse producten noemen: plakken, harten, boterballen, het ouderwetse kraamkrentebrood, oliebollen, modellen van botters, klederdracht-stoffen e.d. Daarnaast zijn er dan nog kramen met meer algemene zaken als vis, belegde broodjes (met paling!), dranken, bloemen, antiek. souvenirs, warme worstjes en ga zo maar door.

 

De winkeliers in Spuistraat, Kerkstraat, Turfwal en Oude Schans doen ook mee in de vorm van een braderie, Klaas Zwaan schildert en stelt zijn werken tentoon, de Poppententoonstelling draait volop en, naar we hopen. loopt iedereen die maar even kan. man, vrouw en kinderen, in klederdracht.

 

Er zijn maar enkele vaste programma-punten: Om 10 uur openen de Burgemeester en de VVV voorzitter de dag en worden een drietal vlaggen gehesen. Daarna neemt de markt een aanvang. Om 3 uur doet een in klederdracht gestoken bruidsstoet van ca. 30 personen de ronde over het marktplein (bruid en bruidegom dragen het originele kostuum waarin ze dit jaar getrouwd zijn!), van 6-8 is de drumband „de Eemdrummers" in actie, „Excelsior" musiceert, er is de hele dag een echte oudhollandse poppenkast en een pierement, om 9 uur eindigt de markt en wordt er een lampionoptocht van kinderen in klederdracht gehouden en de watersportvereniging zorgt voor een gondelvaart met verlichte jachten en jachtjes. Op het moment waarop wij dit schrijven is het laatste punt nog niet definitief, maar we rekenen erop dat ook dit in orde zal komen. Verder is alles versierd met vlaggetjes en feestverlichting.

 

Gezien de belangstelling en het enthousiasme van de deelnemers geloven we zeker dat deze dag zal slagen. De VVV doet alles om alom in den lande d.m.v. folders, toeristengidsjes, raambiljetten en de radio aan dit evenement bekendheid te geven en als het weer maar enigszins redelijk is rekenen we op een enorme toeloop van bezoekers. Daarnaast zijn wij er zeker van dat ook elke rechtgeaarde Spakenburger en Bunschoter het fijn zal vinden op deze dag aan „de goede oude tijd" te worden herinnerd.

 

L.G.

 

Lustrum – expositie kunstschilder Klaas Zwaan

 

Vrijdagavond 23 juli om half acht opent Burgemeester Van der Heide de lustrum-expositie van kunstschilder Klaas Zwaan, die zo langzamerhand in wijde kringen bekendheid is gaan genieten.

Het is alweer vier jaar geleden dat de heer Zwaan zijn werk exposeerde. De eerste maal deed hij dat in 1958 en daarna steeds om de drie jaar: '61, '64 en '67. Ditmaal heeft het dus een jaar langer geduurd en Zwaan had hiervoor een duidelijke verklaring: ik kreeg nogal wat werk in opdracht, vooral van industriële zijde en ik wilde toch wel graag met een goede collectie komen.

Zoals altijd waren we nieuwsgierig naar wat Klaas Zwaan de velen die gewoonlijk zijn exposities in de kleuterschool aan de Kuyperstraat bezoeken had te bieden en dus hebben wij hem in zijn keurige atelier aan de Havenstraat eens opgezocht om te praten over de werkstukken die hij gaat exposeren en in de eerste plaats natuurlijk om ze eens aandachtig te bekijken.

 

Het is gezellig in Klaas z'n heiligdom. Uitnodigend ligt een groot palet met uitgeknepen kleuren naast de monumentale schildersezel. Overgenomen voor een zacht prijsje van de bekende schilder Hulshof Pol die enige tijd geleden is overleden. Overal langs de wanden tekeningen en overal op de grond schilderstukken en lijsten.

 

Op uitnodiging van Klaas, zo mag ik hem wel noemen, want ik ken hem vanaf het eerste moment dat hij in de oorlog zijn toen al van talent getuigende eerste prille stillevens schilderde, zak ik in de tot rustig genieten uitnodigende stoel temidden van al die prachtige kunststukken die stuk voor stuk getuigen van de enorme toewijding van de man die ze  wrochtte. Je hebt bij de vele stemmingsstukken die Klaas schilderde beslist geen handleiding nodig om na lezing hiervan eigenlijk pas te weten wat het nu eigenlijk voor moet stellen. Klaas schildert de realiteit en geeft deze weer zoals hij het ziet. Wellicht met andere ogen dan de velen die zonder te zien aan de goed gekozen onderwerpen voorbij lopen en eigenlijk pas verrast zijn als ze een bekend hoekje in deze IJsselmeerdorpen op subtiele en zorgvuldige wijze in bijzonder fraaie kleurgeving tot leven  zien gebracht. Klaas moet niets hebben van de commerciële producten die veel artisten in de korst mogelijke tijd op het doek gooien en waarvan ze wellicht zelf pas na het gereed komen bepalen wat het nu eigenlijk voor moet stellen. Klaas' kunst spreekt voor zichzelf, dwingt bewondering af zodra je er mee wordt geconfronteerd en vooral de fijne stemmingen die veel schilderijen weergeven dwingen je minutenlang tot aandachtig kijken en hoe vreemd het ook klinkt ,,voelen". Toch is dit voor mij het karakteriserende van het werk van deze artist „pur-sang": je moet voelen wat hij voelde toen hij zich onderdompelde in zijn onderwerp en in zijn weergave het jaargetijde (zonder de hiervoor essentiële zaken als kale bomen en zo) het warme, het mistige, het koude, het altijd weer van een grote liefde voor wat er zomaar in de wereld om je heen aan kleur en stemming valt te genieten getuigende, zo fijn en artistiek mogelijk weer te geven.

 

Het valt me in sommige schilderijen op dat Klaas meer verf gebruikt dan vroeger. Hij beaamt dit als ik hem er naar vraag en laat me een stemmingsstukje zien van een bosgezicht uit de omgeving van Baarn. De verf is er snel en weelderig op gebracht en de zonneplekken tussen de op de voorgrond staandeb omen zijn er gedurfd en vlot in geschilderd. Toch doet het schilderij warm aan en is de stijl van Klaas er nog duidelijk in te herkennen. De door Klaas geschilderde onderwerpen zijn zeer gevarieerd: een weidelandschapje van wat nu het IJsselmeervogels sportcomplex is met daarachter veel reeds verdwenen huizen van de Westdijk geeft door de verspreide plaatsing van de grazende of herkauwende koeien een drie dimensioneel-achtig gevoel. Dieren schilderen in een landschap is altijd bijzonder moeilijk en Klaas laat mij een groot aantal schetsen zien van koeien in alle mogelijke standen. Het getuigt van de grote aandacht die de schilder voor zijn werk heeft.

Er zijn veel meer onderwerpen, eigenlijk voor iedereen die echte kunst prefereert boven kitsch, wel wat en als men er snel bij is straks op die expositie en men werkelijk serieuze koopplannen heeft, is er volop gelegenheid om het huiselijk interieur met een blijvend waardevol stuk te verrijken.

 

Schepen en water interesseren Klaas uiteraard bijzonder, maar ook het polderlandschap, het stemmig donker van een oude koeienstal, of het goed getroffen werk in de taanschuur. Er zijn enkele fraaie op hardboard geschilderde gezichten op een der grote Nederlandse rivieren, een oud Spaans kasteeltje, een Italiaans landschapje, in werkelijk schitterende kleurgeving. De helling is ook een altijd weer terugkerende bron van inspiratie voor mij zegt Klaas, altijd liggen er weer andere schepen of liggen ze anders. Hij laat enkele voorbeelden hiervan zien. Dit heb ik bij bijzonder regenachtig weer geschilderd zegt Klaas en de eigenaar van het schip op de voorgrond die er wat aan het timmeren was school iedere keer weg in dezelfde ruimte waarin ik mij voor het water trachtte te beschermen. Ik werkte een hele zaterdagmorgen aan het stuk en gaandeweg raakte de eigenaar van het schip dat zo'n slordige twee ton kostte geinteresseerd. Jij kunt tenminste een goed schip schilderen zei hij tenslotte en vroeg wat het schilderij zo ongeveer moest kosten. Toen ik hem bij benadering een prijs noemde schrok hij terug en zei dat dat toch wel een behoorlijk uurloon betekende. Ik heb toen maar niets gezegd. De man kon toch ook niet weten hoeveel tijd er in zit om je tot een bepaald niveau te ontwikkelen. In feite ben ik er dag in dag mee bezig, met dat schilderen bedoel ik. Dertig jaar lang en soms denk ik wel eens dat ik mijn gezin er tekort mee doe, maar ik kan het gewoon niet laten, ik denk praktisch altijd aan wat ik wil schilderen en zo.

 

Ik vraag wat door over de prijzen die Klaas voor zijn schilderijen wil vragen. Die variëren zo van ongeveer Fl 100.— tot Fl 1200.— en dat hangt echt niet af van de grootte van het stuk, zegt Klaas. Soms zit je heel lang op een klein schilderij en lukt een groter in veel kortere tijd. Soms lukt het ook helemaal niet en verf ik er gewoon over heen, dan is het werk van dagen soms voor niets geweest. Och, het aantal uren is helemaal niet bepalend voor de waarde van een schilderij. Als je een wereldnaam hebt maak je voor hetzelfde schilderstuk een bedrag dat in de tienduizenden guldens loopt. Nee, rijk zal ik er niet van worden, maar het is wel prettig als je je in je materiaal niet hoeft te bekorten, als je je stukken in een goede lijst kunt zetten en niet zuinig hoeft te doen niet een tube verf en andere dingen. Overigens sta je er soms versteld van wat het kost om een stuk goed in te lijsten. Voor een niet te grote tekening ben je soms al dertig, veertig gulden aan materiaal kwijt en bij de grotere schilderstukken loopt dat al snel op tot Fl 100.—. Is het dan te gek als ik voor zo'n tekening Fl 100.— vraag? De kosten van zo'n expositie en de reclame zijn ook erg hoog en je moet dan ook wel een goede prijs voor je stukken maken wil je er wat aan hebben. Overigens kan geld me allemaal niets schelen, als ik maar kan schilderen. Wel zou ik veel van de wereld willen zien, er is zoveel moois en eigenlijk zou ik de hele wereld wel willen bekijken en overal willen schilderen.

 

Mijn laatste vraag betreft de hoeveelheid te exposeren stukken. Klaas is bepaald geen aantallen-man en eerst na wat aandringen mijnerzijds komt er een voorzichtige schatting. Een kleine veertig schilderijen en dan nog een tiental tekeningen en aquarellen, een respectabel aantal voor een eenmans-expositie.

 

Wij wensen Klaas veel succes met zijn tentoonstelling die gehouden wordt van 23 juli tot en met 4 augustus en wij raden u allemaal aan om het werk van deze Spakenburgse schilder die gewaardeerd lid is van de kunstkring Laren-Blaricum. eens te gaan bekijken en als u er wat geld voor over heeft er ook eens wat van te kopen. Een schilderij zoals deze Spakenburgse kunstenaar schildert heeft toch uiteindelijk een veel grotere waarde dan alle huisraad dat tijdelijk mooi kan zijn maar uiteindelijk toch op de vuilnishoop terecht komt. Dan prefereren wij de blijvende waarde van een bezield en artistiek op hoog peil gewrocht schilderij van Klaas Zwaan.

 

J. C. Koelewijn

 

Terug naar de LosGoud Startpagina